Hij was pas zes jaar oud...

Manon Snoeker (www.trouwtoespraak.nl) is vrijgevestigd trouwambtenaar en spreekt daarnaast op ceremonies en plechtigheden zoals uitvaarten, huwelijken en jubilea. Manons werk is zoals het leven: vrolijkheid en verdriet wisselen elkaar af.  In haar blogs neemt Manon ons mee bij haar werkzaamheden en vertelt ze over de bijzondere ontmoetingen die ze heeft met haar opdrachtgevers.


Hij was pas zes jaar oud. Volkomen onverwacht was zijn vader overleden. Onmogelijk voor een kind van die leeftijd om de omvang van dat verdriet te begrijpen. Bevatten wij het als volwassenen?

Papa was thuis en zo kon hij steeds even bij zijn vader gaan kijken. Langzaam maar zeker werd duidelijk dat papa hier was en toch ook weer niet. En hij huilde om het gemis van de vader die met hem stoeide en grapjes maakte, die hem voorlas als hij naar bed ging.

In  de dagen voor het afscheid was hij druk met het maken van een gedichtje, een tekening, hij beschilderde de kist waarin zijn papa lag. Hij zag het verdriet van de volwassenen om zich heen en begreep: dit is heel erg. Het “nooit meer” drong niet door. Uiteraard niet.

De uitvaartleider betrok hem overal bij; overlegde met de kleine man over het afscheid, vertelde hoe alles zou verlopen en droogde zijn tranen wanneer hij moest huilen.

Voorafgaand aan het afscheid werd de kist gesloten en natuurlijk draaide de jongen zelf de schroeven vast. Met zijn tong tussen zijn lippen, vol concentratie. Mocht hij ook de bloemen dragen, vroeg hij? Natuurlijk mocht dat. Hij stak kaarsen aan en terwijl bij iedereen om hem heen de tranen over de wangen stroomden, keek hij trots naar de uitvaartleider. Zich bewust van de belangrijkheid van wat hij deed.

Maar toen begon de afscheidsdienst. De aula was tot de nok toe gevuld met mensen die zijn vader de laatste eer kwamen bewijzen. De klanken van de muziek vulden de ruimte en de familie begeleidde de overledene naar binnen, de kleine man voorop met zijn handje op de kist.

Zijn gezichtje stond ernstig. Ik keek naar hem en zag op zijn gezichtje de schok van het besef: Papa is weg en komt nooit meer terug. Zijn ogen vulden zich met tranen en ik beet mijn kiezen op elkaar, zo hard als ik kon. De emoties parkerend, mij voorbereidend op de taak die mij wachtte: het levensverhaal vertellen. De uitvaartleider legde zijn grote hand troostend op de kleine schouder. Ook hij moest alle zeilen bijzetten om zijn emoties onder controle te houden.

Tijdens de dienst zat de kleine jongen met zijn knuffel in zijn armen, dicht tegen zijn moeder aan. Woorden en muziek regen zich aaneen tot een verhaal van een leven dat veel te kort had mogen duren. De omvang van het verlies als onomkeerbare werkelijkheid aanwezig.

Rondom het graf werden de laatste woorden gesproken. De uitvaartleider nodigde de aanwezige klasgenootjes uit om ook naar voren te komen. Omringd door zijn vriendjes zat de kleine man aan het graf. Op zijn knietjes in de aarde, die hij met een schepje op de kist van zijn vader strooide. Meer en meer aarde schepte hij, voor even afgeleid van dit grote verlies.