Het laatste gesprek

Annelie Walter werkt als Wijkziekenverzorgende en komt dagelijks bij de mensen thuis om zorg te verlenen. Naast haar werk heeft zij altijd al een interesse gehad in de spirituele wereld. Annelie is Life-Coach en volgt daarnaast een opleiding voor healing / reading en visualisatie. Haar droom is uiteindelijk alles samen tot een geheel te kunnen voegen. Haar Facebookpagina ‘De weg naar de bron’ vertelt Annelie’s verhaal.


Met een glimlach op haar gezicht word ik begroet. Haar glimlach van herkenning. “Ah, daar ben je weer!” Ik glimlach vluchtig terug. Loop naar de tafel en schrijf zoals altijd de nodige dingen in het Logboek. Terwijl ik het snel dicht sla, pak ik ondertussen de bodylotion. Zachtjes en voorzichtig loopt zij langzaam achteruit tot ze behoedzaam op de stoel plaats neemt.

Alles heeft door de Alzheimer een bepaalde volgorde gekregen zodat het leven nog een beetje te volgen valt. Snel en handig trek ik de steunkousen een voor een uit. Mijn handen pakken de fles met bodylotion. Geroutineerd worden de onderbenen in gewreven. De sloffen mogen de voeten nog even warm houden. Zo snel als mogelijk staat zij op. Toch heeft haar ene been moeite om goed de grond te raken. Met haar goede hand pakt zij haar rollator beet en loopt rustig naar de keuken. Als in een ritueel pakt zij de 2 op elkaar gestapelde borden waarop een stuk zeep en een handdoek rusten. In een ritueel wast zij haar handen en loopt naar de stoel om te gaan zitten. Ondertussen heeft zij geleerd om eerst de stoel te voelen achter haar benen. Zo weet zij dat het zitten veilig verloopt. Heel langzaam laat zij zich zakken, tot het laatste stuk. Dan begeven haar spieren het en zakt zij ineens op de stoel. Een zucht van verlichting omdat zij toch weer veilig terecht is gekomen.

Met grote liefdevolle ogen word ik aan gekeken. “Wij moeten nog druppelen. Is het niet?” “Ja”, stel ik haar gerust. In ieder oog mogen twee druppels komen. Zacht buigt zij haar hoofd naar achteren en sluit daarna voor korte tijd beide ogen. “Ze mogen even zwemmen.” “Ja”, is mijn antwoord. En ik knik erbij. Want ook het gehoor laat te wensen over. Ineens kijken mij twee verdrietige ogen aan. “Morgen is het voorbij. Morgen moet ik weg en ik weet niet waarom. Het gaat toch nog goed allemaal. Het lukt toch nog allemaal. En ik heb toch iemand die er dagelijks voor mij zorgt.”

Haar stem valt weg. Tranen verzamelen zich in haar ogen. En ineens komt er zomaar uit het niets de volgende zin in mij op. “Waar een deur dicht gaat, gaat een mooiere deur open. Om dit te kunnen zien is het nodig om de oude deur eerst te sluiten.” Even een rustige pauze zodat ik weet dat het ok werkelijk gehoord wordt. Ik kijk en heb aandacht. Vragende ogen die mij aan kijken. Langzaam ga ik verder. “En weet u wat het mooiste is? Het nieuwe wat er dan aankomt is precies dat wat goed voor u is. Niet dat wat u verwacht of gewenst hebt. Misschien dat u het nu nog niet kunt zien, maar ik weet zeker dat het er is. Heb vertrouwen.” Zachtjes raak ik haar hand aan. ‘Denkt u echt dat dit zo is?” “Ja.” “Dan zal ik daar maar op vertrouwen.” Een laatste blik, een laatste groet. Het ga u goed in het verzorgingshuis.

Ik draai mij om en loop richting de deur. Lieve cliënt wat zal ik u missen.